Wet VBAR

Nieuwe criteria voor zzp’ers: wat verandert er met de conceptwet VBAR?

Share!

Naast de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) biedt de nieuwe conceptwet VBAR nieuwe criteria voor het inhuren van zzp’ers. De nog niet ingevoerde wet VBAR (Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden) gaat over het verder verduidelijken van arbeidsrelaties. Daarnaast voert die een bruto-uurloon op van 33 euro. Mensen die minder verdienen, zouden eenvoudiger rechten als werknemer kunnen opeisen. Hoewel er vorig jaar veel kritiek op deze wet was, zijn de criteria van het nieuwe wetsvoorstel nu bekend.

Belangrijkste criteria’s

 

Criteria’s die wijzen op werknemerschap:

 

  • De werkgevende is bevoegd om aanwijzingen en instructies te geven over de wijze waarop de werkende de werkzaamheden moet uitvoeren en de werkende moet deze ook opvolgen.
  • De werkgevende heeft de mogelijkheid om de werkzaamheden van de werkende te controleren en is bevoegd om op basis daarvan in te grijpen.
  • De werkzaamheden worden verricht binnen het organisatorisch kader van de organisatie van de werkgevende.
  • De werkzaamheden hebben een structureel karakter binnen de organisatie.
  • Werkzaamheden worden zij-aan-zij verricht met werknemers die soortgelijke werkzaamheden verrichten.
Criteria’s die wijzen op zelfstandigheid binnen de opdracht:

 

  • De financiële risico’s en resultaten van de werkzaamheden liggen bij de werkende.
  • Bij het verrichten van de werkzaamheden is de werkende zelf verantwoordelijk voor gereedschap, hulpmiddelen en materialen.
  • De werkende is in het bezit van een specifieke opleiding, werkervaring, kennis of vaardigheden, die in de organisatie van de werkgevende niet structureel aanwezig is.
  • De werkende treedt tijdens de werkzaamheden zelfstandig naar buiten.
  • Er is sprake van een korte duur van de opdracht en/of een beperkt aantal uren per week.
Ondernemerschap Persoon (buiten opdracht):

 

  • Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan:
  • De werkende heeft meerdere opdrachtgevers per jaar;
  • De werkende besteedt tijd en/of geld aan het verwerven van een reputatie en het vinden van nieuwe klanten of opdrachtgevers;
  • De werkende heeft bedrijfsinvesteringen van enige omvang;
  • De werkende gedraagt zich administratief als zelfstandig ondernemer: is ingeschreven bij de KVK, is btw-ondernemer en/of heeft recht op de fiscale voordelen van het ondernemerschap (zoals ondernemersfaciliteiten)

Consequenties voor Interim-professionals

Interim-managers kunnen bijvoorbeeld geen leidinggevenden vervangen bij ziekte, wat zij in loondienst moeten doen. Een eerdere versie van het wetsvoorstel kreeg kritiek vanwege onduidelijke termen zoals ‘inbedding in de organisatie’. Het nieuwe voorstel combineert deze termen onder ‘werknemerschap’ en ‘zelfstandigheid’, wat meer balans zou moeten brengen. Echter, de kern blijft dat de omstandigheden van de opdracht de doorslag geven.

De Raad van State moet advies geven over het wetsvoorstel, waarna de huidige minister van Sociale Zaken, Eddy van Hijum, het voorstel kan aanpassen en naar de Tweede Kamer sturen. De wet VBAR kan mogelijk na 1 januari 2026 van kracht worden, terwijl de Belastingdienst al per 1 januari 2025 zal handhaven op schijnzelfstandigheid.

Bron: ZiPconomy, NOS

Follow our trail